De sociale veerkracht van de middelgrote stad

Terugblik op de vierde masterclass Midsize NL

Voor middelgrote steden wordt het stimuleren en ondersteunen van bewonersinitiatieven steeds belangrijker. Welke rol zou de gemeente moeten spelen in deze initiatieven? De deelnemers aan de vierde masterclass Midsize NL gingen met dit thema aan de slag op 17 november in Amersfoort. Joke van der Zwaard en Joost Beunderman namen stelling: “laat burgers burgers blijven en zet ze niet vast in je eigen systemen”.

Sociale veerkracht

De overheid streeft naar een actieve en zelfredzame bevolking. Maar hoe zorg je hiervoor? Tijdens de masterclass stond deze vraag centraal. De rol van de overheid is tweeledig en bestaat zowel uit het stimuleren als het faciliteren van actieve en zelfredzame bewoners. De uitdaging ligt in de praktische uitleg van ‘zorgen voor’, maar het doel heeft eenzelfde uitgangspositie: het afvlakken van negatieve trends en het creëren van een positieve tendens. In gemeenten waar dit lukt is er sprake van een hoge sociale veerkracht. Maar hoe kunnen middelgrote steden dit stimuleren?

Burgerinitiatief ontstaat: gewild of ongewild

Joke van der Zwaard noemt Nederland kampioen vrijwilligerswerk en benadrukt dat burgerinitiatieven altijd al hebben bestaan: “Participatiesamenleving of niet, waar mensen elkaar kunnen vinden ontstaat iets”. Bij sociale saamhorigheid wordt echter vaker gedacht aan de grote stad of aan kleinere dorpen. Dit blijkt niet terecht, want middelgrote steden blijven hier niet in achter. Middelgrote steden hebben een grotere diversiteit dan dorpen en een kortere lijn met de gemeente dan grote steden. Een goede omgeving voor een hoge mate van sociale veerkracht.

Faciliteren van initiatieven

In de huidige tijdgeest van de politiek is ‘terug naar de burger’ de norm, maar de burger is nooit gestopt met actief zijn in de omgeving. Een campagne om burgerinitiatief aan te moedigen is dan ook niet nodig en misschien zelfs schadelijk omdat het niet onderkent wat burgers al doen. Gemeenten moeten burgers aanmoedigen door initiatieven die ontstaan te faciliteren.

Strakke kaders werken averechts

Een burgerinitiatief is geen bedrijf, ondanks dat initiatieven soms soortgelijke organisatiestructuren inzetten. Burgers initiëren uit welbegrepen eigenbelang en vaak ook dat van hun kinderen. Besluitvorming gaat bijvoorbeeld meer uit van een groepsidee dan van een afgewogen proces. Een idee vindt doorgang omdat mensen het leuk vinden en gemotiveerd zijn om het tot een succes te maken. De bedrijfsmatigheid en de planning ontstaan vooral omdat financierende instanties dat vragen. Het werkt averechts op de flexibiliteit van een initiatief.

Welke rol is dan constructief?

De manier van organiseren is dan ook precies waar het schuurt. De systeemwereld van gemeenten en corporaties werkt met ambities, doelen, structuren, beleid, afspraken en indicatoren. Deze sluiten moeizaam aan op de leefwereld van burgers die ‘gewoon’ doen. Enkele beleidstips hiervoor zijn:

  • Geef de gemeente een gezicht: dezelfde persoon, zonder numerieke targets, voor langere tijd, die de weg kent door de verschillende afdelingen in een gemeente(budget);
  • Neem initiatieven voor wat ze zijn, niet voor wat de gemeente graag zou willen. Wat is de situatie, motivatie en het ontwikkelingstraject. Faciliteer de agenda van het initiatief;
  • Financiële middelen zijn altijd nodig, want een burgerinitiatief is geen bedrijf dat zichzelf kan bedruipen. Microbudgetten bieden daarin veel mogelijkheden. Ook in natura, op het gebied van vastgoed, kan een gemeente veel betekenen. Creëer fijne plekken zonder te veel zorgen om de huur.

Over de grens: Right to Challenge in Engeland

Joost Beunderman neemt een kijkje over de grens en geeft voorbeelden uit Engeland. Het ‘Right to Challenge’ neemt momenteel een vlucht in Nederland, terwijl de evaluatie in Engeland aangeeft dat dit specifieke instrument is geflopt. Burgers kunnen nu eenmaal moeilijk concurreren met commerciële partijen en nog belangrijker: burgers willen dat niet. Aan de andere kant had het ‘Right to Bid’ wel succes. Dit instrument geeft burgers een half jaar de tijd om een plan op te stellen voor een stuk vastgoed waar de gemeente of corporatie vanaf wil. Zo kregen veel buurtkroegen en oude schoolgebouwen een nieuwe bestemming onder coöperatief beheer van bewoners.

Waar investeer je in?

Het denken aan maatschappelijke meerwaarde bij economische en fysieke projecten kan helpen bij het bepalen van investeringen. Het bewijs voor de verbinding van sociale vitaliteit, ondernemerschap en economische activiteit komt steeds meer aan het licht. De effecten zijn misschien moeilijker te vangen, maar de vraag kan wel gesteld worden: denkt de gemeente wel voldoende na over de maatschappelijke meerwaarde van al haar projecten?

Kortom

Zowel de fluïde burgers als systematische overheid hebben goede bedoelingen, maar vinden te vaak moeilijk aansluiting bij elkaar. De betrokken ambtenaren en bewoners zorgen voor de verbinding. Juist in middelgrote steden is de afstand tot elkaar makkelijk te overbruggen en bestaat een goede voedingsbodem. Forceer daarbij burgers niet om actief te worden maar faciliteer door mensen, kennis en ervaring met elkaar te verbinden. Laat burgers vervolgens burgers blijven en zet ze niet vast in je eigen systemen.

Over Midsize NL

Midsize NL is een kennis- en inspiratietraject voor de middelgrote steden in Nederland. Het traject startte in 2015 met het maken van een analyse van trends en uitdagingen. In 2016 gaan we aan de slag hiervoor concrete handvatten te bieden voor de steden. Platform31, Ruimtevolk, het Ministerie van Binnenlandse Zaken, het G32-Stedennetwerk en het Platform Middelgrote Gemeenten werken samen aan Midsize NL.

Projectpagina Midsize NL

Dit najaar organiseerde Platform31 vier verdiepende masterclasses over