Corporaties op eigen kracht

Corporaties hebben in 2015 1,2 miljard aan het Rijk betaald via de verhuurdersheffing. Het Rijk heeft op haar beurt 3,2 miljard bijgedragen aan de huurtoeslag. Om de verhuurdersheffing te kunnen betalen, verhogen corporaties de huren, wat leidt tot meer huurtoeslaguitgaven en waar het Rijk vervolgens weer op reageert met een bezuiniging op de huurtoeslag. Hoe kunnen we deze vicieuze cirkel doorbreken en tegelijkertijd het systeem vereenvoudigen? Kunnen we zowel de huurtoeslag als de verhuurdersheffing afschaffen en corporaties verantwoordelijk maken voor het verhuren van betaalbare huurwoningen aan lagere inkomensgroepen? Tijdens de verkenning Corporaties op eigen kracht bogen Platform31 en haar partners zich over deze vraag. De verkenning leverde een eenduidig “Nee” op, maar leidt wel tot interessante inzichten.

Huurtoeslag cruciaal om betaalrisico’s te beperken

De huurtoeslag is cruciaal om de betaalrisico’s van grote groepen huurders te beperken, staat in het onlangs verschenen PBL-onderzoek Betaalbaarheid van het wonen in de huursector. Van alle Nederlandse huishoudens heeft 19,5 procent recht op huurtoeslag. Van alle huurders is dat ongeveer de helft. Gemiddeld dekt de huurtoeslag 40 procent van de huurprijs. Zonder deze overheidsingreep kan een deel van de huishouders geen woning huren.

Hervormingen huurtoeslag

Als gevolg van forse kostenstijging staat de huurtoeslag in haar huidige vorm echter onder druk. De uitgaven stegen van 1,9 miljard euro in 2006 naar circa 3,2 miljard in 2015. Dit zal naar verwachting stijgen naar 3,8 miljard euro in 2020. In de rijksbegroting staat voor 2017 een bezuiniging op de huurtoeslag opgenomen en het Rijk is een onderzoek gestart naar mogelijke hervormingen. De te verwachte verandering in de huurtoeslag was voor Platform31 en haar partners aanleiding om de Verkenning huurtoeslag te starten.

Afschaffen verhuurdersheffing en huurtoeslag

Het wegstrepen van de verhuurdersheffing en de huurtoeslag is een van de twee varianten. Is het mogelijk dat de verhuurdersheffing en huurtoeslag beide wegvallen en de corporaties op eigen kracht zorgen voor betaalbare huurwoningen voor lagere inkomensgroepen? Hiermee wordt het rondpompen van geld voorkomen, de financiële afhankelijkheid tussen corporaties en het Rijk verkleind en het zorgt daarnaast dat het huidige mechanisme dat leidt tot huurprijsstijgingen doorbroken wordt. Want hoewel het Rijk betaalbaarheid heeft benoemd als 1 van de 4 rijksprioriteiten, heeft zij 2 instrumenten in handen die hierop een averechts effect hebben; de huurtoeslag leidt in haar huidige vorm tot een verhoogde kwaliteitsconsumptie bij huurders en afwentelingsgedrag bij verhuurders en daarmee tot hogere huren. De verhuurdersheffing stimuleert dat verhuurders de huren verhogen om de heffing te kunnen betalen en leidt er bovendien toe dat huurwoningen uit de sociale sector worden getrokken om de heffing te ontlopen.

Verkenning financiële haalbaarheid

Om erachter te komen of het financieel haalbaar is om de verhuurdersheffing en huurtoeslag tegen elkaar weg te strepen maakten we een grove financiële verkenning; sigarenkist-berekeningen. We maakten per corporatie een schatting van het huurtoeslagbudget. Dit bleek lastiger dan gedacht; geprognotiseerde cijfers, voorlopige uitgaven, weer andere voorlopige uitgaven; een wirwar aan cijfers die de betrouwbaarheid van de berekeningen negatief beïnvloedde. Van het geschatte huurtoeslagbedrag per corporatie trokken we de verhuurdersheffing af. Wanneer er een financieel gat over was, rekenden we grof door of en hoe de corporatie dit kan opvangen via bijvoorbeeld het verlagen van de rentelasten (door verkoop), minder investeringen en/of lagere onderhoudskosten. Om een goed beeld te krijgen van hoe deze oplossingsrichting uitpakt op de sector, deden we de doorrekeningen bij verschillende type corporaties.

Uit de verkenning blijkt dat het verschil tussen de verhuurdersheffing en de huurtoeslag sterk verschilt per corporatie. Waar de ene corporatie het ‘gat’ tussen verhuurdersheffing en huurtoeslag kan opvangen zonder dat dit effect heeft op de voorgenomen doelstellingen, ervaart de andere een financieel tekort van ongeveer vijf jaar waarin zij niet kan voldoen aan het voorgenomen beleid en de prestatieafspraken die zij gemaakt heeft met de gemeente. Bij corporaties met veel huurtoeslaggerechtigden is een flink financieel tekort zichtbaar dat niet opgelost kan worden zonder de volkshuisvestelijke doelen van de corporatie ernstig te schaden.

Alhoewel we sigarendoos-berekeningen voor een aantal corporaties hebben gedaan, en niet voor de sector, kunnen we – door de oogharen heen kijkend – stellen dat het wegstrepen van verhuurdersheffing en huurtoeslag de sector niet meer in staat is om te voldoen aan haar volkshuisvestelijke taken.

hof-van-egmond-haarlem

Maatschappelijke haalbaarheid

Daarnaast geldt de vraag; is het überhaupt wenselijk dat corporaties verantwoordelijk worden voor de betaalbaarheid van het sociaal wonen? Het wegstrepen van beide regelingen, betekent niet dat de corporatie betaalbare huurwoningen voor lagere inkomens aanbiedt. Hiervoor is ook nodig dat de corporatie weet wat het inkomen van de huurder is en de huurprijs hierop afstemt. Hiervoor is een huur-op-maat-achtig systeem nodig zodat de corporatie de huidige taak van de belastingdienst kan overnemen. De corporatie krijgt hiermee een systeem in handen waarmee zij scheefwonen kan bestrijden en tegelijkertijd lagere inkomensgroepen een betaalbare woning kan bezorgen. Volkshuisvestelijke middelen kunnen daarmee efficiënter ingezet worden. Daarnaast wordt met het wegstrepen van beide regelingen de financiële afhankelijkheid van het Rijk verkleind.

Er zijn ook nadelen aan verbonden. Het controleren van inkomens en uitgaven van toeslagen is een professie en bovendien privacygevoelig. Het huidige rechtsysteem is zodanig ingericht dat de overheid verantwoordelijk is voor de vormgeving van het inkomensbeleid en de belastingdienst voor de uitvoering hiervan. De levering van producten en diensten worden verzorgd door de markt en – omdat de marktwerking niet altijd rechtvaardig is – door maatschappelijke organisaties die de taak hebben om te zorgen dat iedereen toegang heeft een dienst die wij als maatschappij als grondrecht hebben bestempeld (wonen, onderwijs, zorg et cetera). Het ligt niet in deze lijn om de laatste organisatie verantwoordelijk te maken voor de uitgifte van toeslagen op basis van inkomen.

Aan de uitgifte van de huurtoeslag zitten bovendien grote risico’s verbonden. Doordat vele aanvragers hun inkomen niet goed invullen, is de belastingdienst in circa 30% van de gevallen gedwongen om een deel van de uitgekeerde huurtoeslag terug te vorderen. Dit plaatst zowel huurders al belastingdienst voor problemen. De categorie ‘Noorderzonnen’ is groot en veel vorderingen zijn oninbaar. Voor de belastingsdienst is dit al lastig, maar corporaties zijn er helemaal niet op ingesteld. Grote kans dat het aantal noorderzonnen in rap tempo toeneemt.

De stijging van de huurtoeslaguitgaven wordt veroorzaakt door:

  1. meer huurtoeslaggebruikers,
  2. gemiddeld lager inkomen per huurtoeslagontvanger en
  3. hogere huren.

Wanneer corporaties verantwoordelijk worden voor de uitgifte van de huurtoeslag, worden zij ook verantwoordelijk voor maatschappelijke veranderingen en de economische conjunctuur waar zij geen invloed op hebben. Een andere reden om de huurtoeslag bij de overheid te houden is dat zij het verband kan leggen met andere toeslagen. Hierdoor is het mogelijk om te zorgen dat de toeslagen voldoende zijn, maar ook dat werken loont. Daarnaast is in de bijstand een normbedrag opgenomen voor wonen.

Corporaties op eigen kracht niet wenselijk maar wel nieuwe inzichten

Conclusie uit de verkenning is dat het financieel niet mogelijk en bovendien niet wenselijk is om de verhuurdersheffing en huurtoeslag beide af te schaffen en de corporaties verantwoordelijk te maken voor het verhuren van betaalbare woningen aan lagere inkomensgroepen. De verkenning leverde echter veel interessante inzichten en ideeën op.

Zo kwam de gedachte op of het mogelijk is om de corporaties verantwoordelijk te maken voor dat deel van de huurprijsstijging waar zij invloed op hebben. Huurtoeslagstijgingen als gevolg van meer huurtoeslaggerechtigden en lagere inkomens komen ten laste van het collectief. Huurtoeslagstijgingen als gevolg van huurprijsstijgingen van corporaties, komen ten laste van de corporaties. Corporaties zullen hierdoor minder geneigd zijn om de huren te verhogen. Dit vergt wel een helder inzicht over de exacte oorzaak van de huurtoeslagstijgingen en de mate waarin.

De zichtbaar grote financiële verschillen tussen de corporaties leiden tot een discussies over verevening. Een thema dat de laatste tijd in een ander daglicht is komen te staan. Voer voor een nieuwe discussie dus.

Vervolg Verkenning huurtoeslag

Corporaties op eigen kracht is een van de twee deeltrajecten van de Verkenning huurtoeslag. In het andere deeltraject stelden we verschillende varianten op waarbij de huurtoeslag landelijk blijft maar we de ondoelmatigheden uit het systeem halen. Deze varianten worden momenteel doorgerekend. Binnenkort leest u hierover meer.


Contact

Anouk Corèl

Anouk Corèl

Senior projectleider

06 83 17 14 95

Vera Beuzenberg

Vera Beuzenberg

Projectleider

06 83 17 13 69