Weer thuiskomen in de binnenstad

Het debat over binnensteden wordt teveel gevoerd vanuit het idee dat onze binnensteden maar één functie hebben, die van winkelhart. Terwijl er juist nu een enorme kans ligt voor binnensteden om meer te zijn dan alleen een verzamelplek van bezoekers. Wonen is één van de laatste functies die nog om ruimte schreeuwt in grote delen van ons land, terwijl binnensteden druk op zoek zijn naar fysiek- en evenementenprogramma. Steeds meer vastgoed komt leeg te staan: winkels, kantoren, bedrijven, zorginstellingen, kerken, monumenten, maatschappelijke voorzieningen. En ook onze Nederlandse binnensteden merken dat.

Lang dacht een deel van plannend Nederland dat winkels wel de grote motor zouden blijven achter onze binnensteden. Na internetshoppen en overbewinkeling geven de faillissementen van grote winkelketens het laatste zetje voor definitieve verandering. De winkelfunctie zal met zeker 20% gaan afnemen. Dus meer ruimte voor woonfuncties!

Laat het aantal huishoudens, met name de alleenstaanden (jongeren, starters, ouderen), nou enorm toenemen. Een groep mensen die niet graag in een buitenwijk woont, maar juist in gebieden waar veel te beleven valt. Binnensteden met een variatie aan functies, trekt deze groeiende groep stedelingen van binnen-, maar ook uit het buitenland. En de fysieke ruimte voor wonen neemt toe. We kunnen niet meer alleen boven winkels, maar ook in winkels wonen. Of in kantoren en lege kerken.

Inmiddels is een nieuwe groep ontwikkelaars opgestaan die hun hand niet omdraaien voor herbestemming en inspeelt op de noodzakelijke verduurzaming van de bouwsector. Deze ontwikkelaars wachten niet meer af tot de plint gevuld wordt met behulp van een makelaar. Zij transformeren een kantoor voor een bepaalde doelgroep, weten wat die groep bewoners leuk vindt en stemmen daar de winkels op af.

In 1998 studeerde ik af op de vertrekmotieven van ex-Almeerders. En wat bleek? De helft van de Almeerders vertrok omdat zij de juiste sfeer, kwaliteit en gezelligheid miste. Ruim vijftien jaar later, geldt deze gouden formule nog steeds voor (binnen)steden. Zorg voor beleving, kwaliteit en sfeer. Niet alleen voor bezoekers, maar juist voor de bewoner. De wens van deze beleving van de dagjesbezoeker zal af en toe afwijken van die van de bewoner. De keerzijde van een buitenwijk zonder beleving en sfeer zal menige ergernis doen vergeten.

Na mijn studie, verhuisde ik naar de binnenstad. Dit is tot heden mijn beste woonplek. De vele rondjes die ik door de stad loop met bezoekjes aan horeca, musea, winkels en altijd wel ergens een evenement, maakt dat voor mij een geweldige woonbeleving.

Laten we het debat over de binnenstad niet voeren vanuit een kramp over wat er straks niet meer is, maar vanuit de kans dat het wonen de binnenstad gaat verrijken. Qua levendigheid, qua sfeer, qua draagvlak voor voorzieningen en qua sociale functies. De binnenstad heeft de woonconsument nodig. Laat zo veel mogelijk stedelingen (weer) thuiskomen in de binnenstad!