Wat dacht u van een 3d-privé regeling?

Deed u eraan mee? Aan het succesvolle pc-privéproject uit de jaren negentig waarbij werknemers tegen een aantrekkelijk bedrag via hun werkgever een pc konden aanschaffen? Het idee was eenvoudig en behoorlijk effectief: laat mensen op een aantrekkelijke én laagdrempelige wijze hun pc-vaardigheden ontwikkelen, zodat ze op digitaal gebied goed mee kunnen komen. Het voordeel werd mogelijk gemaakt door de overheid en via een bruto-netto belastingtraject gerealiseerd. Inmiddels kunnen we wel vaststellen dat de regeling haar dienst heeft bewezen: het gebruik van een computer is niet meer weg te denken uit ons dagelijks leven. Bijna dertig jaar later staan we voor heel andere opgaven, bijvoorbeeld op het gebied van energie en klimaat. En toch: juist nu zouden we gebaat kunnen zijn bij zo’n inventieve regeling als het pc-privéproject.

Ook in het huidige beleid streven we systeeminnovaties na, denk aan het afbouwen van fossiele brandstoffen en de beweging naar een circulaire economie. Het probleem zit ‘m in de versnelling die daarvoor nodig is. Gedeeltelijk zou de oplossing in een andere productiemethode kunnen zitten. Dan wordt printen het nieuwe produceren. Want met 3d-printers worden fabrieken die massaproducten voortbrengen overbodig. Huis-, straat- of wijkprinters nemen de industrie ‘over’ en printen alleen nog ‘on demand’ en voor eigen gebruik. U en ik worden de ’industrie’. Dit betekent minder restafval en een aanzienlijke reductie van transport, omdat de eindgebruiker fabriceert. Als we het gebruik van 3d-printers – net als het aanleren van computervaardigheden – wereldwijd uitrollen, ontstaan er dan gelijke ‘productiemogelijkheden’ voor elk land? Kunnen we dan nog spreken het begrip lage lonen landen?

Utopisch of niet: de mogelijkheden en kansen die 3d-printing biedt, zijn oneindig en staan tegelijkertijd nog in de kinderschoenen. Eerst moeten we nog herbruikbare grondstoffen ontdekken die tot gesloten kringlopen leiden en die bij voorkeur ook in de stad of in de regio te vinden zijn. Als dat lukt, dan krijgen we er veel voor terug: minder afval, transport en overtollige goederen, vergaande zelfvoorzienende mensen, andere inrichtingsmogelijkheden van onze steden en zelfs nieuwe geopolitieke verhoudingen. Misschien droom ik teveel, maar zou een 3d-privé-regeling te zijner tijd net zo effectief kunnen zijn voor het opschalen van deze systeeminnovatie?