Niet ongeclausuleerd meer macht aan de stad

De pleidooien om meer macht aan de steden en de burgemeesters te geven, klinken steeds luider. De stad en de burgemeesters kunnen de maatschappelijke problemen veel beter aanpakken dan de onmachtige, politiek verdeelde rijksoverheid. Daarom is Nederland, volgens de pleidooien veel beter af als de steden en stedelijke regio’s meer budget, een groter eigen belastinggebied en meer bevoegdheden krijgen.

Hoe aantrekkelijk en eenvoudig dit perspectief ook is, het is te simpel. Meer macht aan de steden en de burgemeesters en meer lokale belastingmiddelen zijn geen doel op zich. Het gaat er om wat we ermee kunnen bereiken.

Meer macht aan de steden is vooral een aantrekkelijk perspectief als daardoor meer ruimte voor lessen en experiment ontstaan. Als daardoor het aantal pilots toeneemt, de city labs nog meer gaan floreren en de city deals een nog grotere vlucht gaan nemen. Dit zal het beleidsleren in de transformerende tijden versnellen en dat is hard nodig.

Meer macht is alleen mogelijk als steden en stedelijke regio’s betere, indringendere en eerlijkere analyses uitvoeren. Wat zijn de regionale sterktes en zwaktes? Wat is het regionale DNA? Hoe ontstaan grotere agglomeratievoordelen door sharing, matching en learning? Wat zijn de gerelateerde vaardigheden waarmee de regio zich kan versterken? En in welke mate en op welke wijze is de eigen stedelijke regio complementair aan andere regio’s? Te veel en te frequent zien wij dezelfde speerpunten (valleys, brainparks, campussen, economic boards) in allerlei steden en regio’s. Dit geeft onvoldoende vertrouwen dat de steden de grotere macht goed weten te gebruiken.

Meer macht kan alleen als de steden minder het uitvoeringskantoor en de uitkeringsfabriek van het Rijk zijn en tot een krachtig eigen beleid komen. Een beleid dat de stadsgrenzen overschrijdt en zich uitstrekt tot het daily urban systeem. Met onbaatzuchtig leiderschap van de centrumstad waarbij ze solidair is met de krimpende regiogemeenten. Een beleid ook waarbij voorzieningen in de regio complementair geconcentreerd en verbeterd worden. Dat is nodig, omdat de focus doorslaat op het verdelen van hetgeen wij eerder verdiend hebben en niet op het vergroten van de regionale koek.

Meer macht als de steden en stedelijke regio’s grotere onderlinge verschillen accepteren en minder verevening en demping door het Gemeentefonds. Wij zien dat steden zich opnieuw kunnen uitvinden en met goed beleid nieuwe groeipaden weten te vinden. Amsterdam, Utrecht en Groningen laten bijvoorbeeld een veel sterkere ontwikkeling van de werkgelegenheid zien dan Den Haag, Tilburg en Rotterdam. Bij meer macht nemen de verschillen toe, wordt succes nog meer beloond en falen nog harder afgestraft.

Meer macht betekent ook het accepteren van een grotere tegenmacht. Bijvoorbeeld meer macht en middelen voor de lokale rekenkamers en het accepteren van een aanwijzing door de provincie of het Rijk als zij de macht niet aankan en er een potje van maakt. Hierover gaat het te weinig in de pleidooien om meer macht aan de stad en de burgemeester te geven.

Pas als aan deze voorwaarden is voldaan, kan meer macht voor stad, meer bevoegdheden voor de burgemeester of een groter lokaal eigen belastinggebied ontstaan.

Koos van Dijken, Platform31