De goede vraag en het juiste antwoord


De groeiende groep asielzoekers beheerst het nieuws. Helaas heeft een negatieve toon de overhand gekregen. Inmiddels buitelen politici en journalisten over de vraag of het nu wel echt oorlogsslachtoffers zijn en niet bijvoorbeeld oorlogsmisdadigers, gelukszoekers of IS-strijders. De debatten zijn ‘stevig en stoer’ en gaan over de vraag of asielzoekers nu wel of niet voor verdeeldheid binnen gemeenten zorgen, en ja zelfs of zij tot een ontwrichting van de samenleving gaan leiden. Kortom, het houdt de gemoederen bezig.

Al dat gebekvecht en geruzie dringt een aantal eenvoudige maar belangrijke feiten naar de achtergrond: de asielzoekers zijn er, het aantal neemt toe en de kans is vrij groot dat ze in ieder geval jarenlang blijven, zo niet voorgoed.

Iemand die zich dat realiseert, en ook de daarbij behorende goede vraag stelt, is wethouder Kajsa Ollongren van de gemeente Amsterdam. Zij kijkt verder dan vandaag en richt zich op de vraag hoe zij de instroom van vluchtelingen op de arbeids- en onderwijsmarkt kan bevorderen. Snelle actie staat in het voorgestelde actieplan centraal. En het belang van snelle actie is ook precies wat door onderzoek steeds weer wordt benadrukt. Om de vluchtelingen een grotere kans op succes te bieden, is het onder andere van belang snel voor taalonderwijs te zorgen, snel inzicht te krijgen in kwalificaties en talenten en eventuele diploma’s snel te erkennen.

Snelle actie is weliswaar een voorwaarde voor succes, een garantie voor succes is het zeker niet. Dat de arbeidsmarktpositie voor vluchtelingen niet te benijden is, blijkt vooral uit onderzoek naar het hoger opgeleide deel van de vluchtelingen. Ongeveer een derde van deze groep is werkloos terwijl twee derde van het werkende deel (zwaar) onder het niveau werkt waarvoor zij in het land van herkomst zijn opgeleid. En dit geldt voor de groep hoger opgeleide vluchtelingen die in economisch (veel) betere tijden (1995-2005) in Nederland zijn aangekomen.

Kortom, de vooruitzichten voor de vluchtelingen op de arbeidsmarkt zijn niet goed. Niettemin wordt in het actieplan van de gemeente Amsterdam de goede vraag gesteld en het juiste antwoord gegeven. Niets doen, of te laat in actie komen, is immers zeker een garantie voor meer sociaaleconomische problemen. En die kan ook Amsterdam, met bijvoorbeeld 40 duizend personen die al een bijstandsuitkering ontvangen, zich niet permitteren.

Ruud Dorenbos, Platform31